Gers Pardoel | Ratelband van de nederhop

gers_pardoel_boeken_topbillin

Deze wereld is van mij. Met deze bemoedigende levensopvatting loopt Gerwin Pardoel al dertig jaar rond op ‘zijn’ aardbol. Noem hem gerust een hyperoptimist, maar één ding kunnen we met zekerheid zeggen: de hitparade is van hem. Vorig jaar scoorde hij maar liefst vier top 10-hits, waaronder de klapper Ik Neem Je Mee. Wie zijn debuutalbum Deze Wereld Is Van Jou heeft gehoord, weet dat er nog veel meer aankomt. Gers Pardoel over carrière maken met Spartaanse wilskracht en hoe moeilijk het is om ‘reis’ en ‘Parijs’ te laten rijmen.

Nederhop volgens Holland in da Hood: met je goud beletterde baseballpetje door je achterstandswijk sjokken met een djonko aan je lip. De toffe boys in het RTL5-programma zouden het harde leven op straat geleerd hebben. Gers niet. Gers zat in de Python. Als jong mannetje heeft hij die achtbaanrit zo vaak genomen dat hij de tel is kwijtgeraakt. Zo profiteerde hij lekker van de secundaire arbeidsvoorwaarden van zijn pa, die bij de Efteling werkte. Aan het eind van de dag ging hij kotsmisselijk naar huis om bij moederlief aan te schuiven voor een prak boerenkool met worst. Er was maar weinig speciaal aan de jonge Gerwin, behalve zijn onderwijs. Hij was nogal een moeilijke jongen namelijk, het type dat graag gemeenschappelijk goed in de fik zette. Ook waren er regelmatig knokpartijtjes, waarin hij met zijn tweelingbroer rug tegen rug vocht tegen andere toffe binkies van zijn school. Dat hoorde erbij. Een kind moet kattenkwaad uithalen, zo vindt hij nog steeds. Tijdens het avondeten vertelde hij zijn ouders wat hij en zijn broer hadden uitgespookt die dag. ‘Ach, dat moet je toch allemaal niet doen jongen’, zei zijn moeder dan. Het was een zorgzame vrouw. Ze besloot hem naar speciaal onderwijs te sturen. Hij vond het overbodig, maar wat extra aandacht op school vond hij prima.

De eerste karaktertrekken van de Gers die wie nu kennen als hitparadewonder werden zichtbaar in zijn tienerjaren. Hij is dan inmiddels verhuisd van zijn geboortestad Nijmegen naar Efteling-dorp Kaatsheuvel. Het kattenkwaad ging vervelen, dus hij besloot een andere hobby te zoeken. Hij stapte op de fiets om in de nabijgelegen stad Tilburg een paar inlineskates te halen. ‘Nu gaat het beginnen, dacht ik toen’, zegt Gers. We spreken hem in het café van poppodium Rotown in zijn huidige woonplaats Rotterdam. ‘Ik stapte op die fiets en dacht: Bam, nu ga ik er vol voor ook. Vanaf het moment dat ik die wieltjes onder mijn voeten voelde, heb ik jarenlang niets anders gedaan dan skaten. Ik oefende vaak in ‘s-Hertogenbosch. De lokale skatehal daar werd mijn nieuwe thuis en de gasten die daar altijd hingen werden mijn familie. Steffen Haars en Huub Smit uit Maaskantje, onder andere. Die jongens kent iedereen nu als de New Kids. Zij noemden zichzelf de 031 Crew. Ik hoorde daar bij op een gegeven moment. We waren de beste skaters die er in de jaren negentig rondliepen in Nederland. Daar werkte ik ook hard voor. Vanaf het begin af aan heb ik getraind om mezelf de beste van Nederland te kunnen noemen. Als ik iets doe, doe ik het goed. Zo zit ik in elkaar.’

Brabo in Roffa
Er vallen nogal wat parallellen te trekken tussen skater Gerwin en rapper Gers. De gozer die we in Rotterdam spreken, is even gretig en fel als het jochie dat hij beschrijft in zijn verhaal. Hij leunt voorover op een tafeltje met zijn handen in elkaar gevouwen. Wie vroeger de etterbak van het schoolplein goed heeft bestudeerd, herkent de blik in zijn ogen: uitdagend, fel en klaar voor een weerwoord. Niet dat hij loopt te etteren, daarvoor heeft hij te veel gezien van het leven. Bovendien is hij ook lang niet zo rap van tong als je zou verwachten van een rapper. Hij kreunt en zucht wat af voor hij bij de kern van zijn antwoorden komt. Gers Pardoel is niet de gehaaide straatintellectueel die sommige rappers kunnen zijn. Hij is eerder een gemoedelijke Brabander met het hart op de tong.

Je carrière als skater heeft nog al wat overeenkomsten met je huidige carrière hè?
‘Ik heb voor beide carrières hard moeten werken, als je dat bedoeld. Toen ik met skaten begon, knalde ik ook gelijk op mijn bek, dat was met rappen ook zo. Ik heb geen aangeboren talent voor rappen of zo, maar ik wist dat ik het heel graag wilde doen. Ik luisterde veel hiphop in die tijd: Dilated Peoples, Wu-Tang, Eminem – dat soort shit. Ik kon het ook niet laten om zelf wat lijnen te droppen tussen de regels door. Dat ging zo van: ik ben een rapper, je weet zelluf, ik ben de baas. Gewoon wat jonge jongens doen als ze beginnen met rappen. De manier waarop die gasten zichzelf oppompten door middel van muziek inspireerde mij. Dat wilde ik ook kunnen, maar ik hoorde zelf ook wel dat ik er niet best in was. Uit mijn skatetijd wist ik dat ik goed genoeg kon worden, als ik maar vaak oefende. Ik heb me jarenlang kapot getraind om een goede rapper te worden. Ik wilde groeien.’

Ben je daarom ook naar Rotterdam verhuisd? Om te groeien?
‘Dat was wel de insteek. Tegen mensen in Kaatsheuvel zei ik dat ik feestjes ging organiseren met mijn broertje, die toen al in Rotterdam woonde. Ik durfde niet echt te zeggen dat ik me op mijn muziek ging richten. Mensen reageren dan toch sceptisch en terecht overigens, er zijn zoveel gasten die dat roepen. Toch was dat het juiste ding om te doen. Dat voelde ik gewoon. Ik verdiende destijds goed centen als keukenverkoper in Waalwijk, daar was ik ook goed erg in, maar ik was er gewoon niet op mijn plek man. Dan kwam ik binnen met mijn Burberry-bloesje en bijpassende skateschoenen – lekker de hiphopper uithangen weet je wel. Dat snappen mensen niet, vooral niet in zo’n klein dorp, daar dragen mensen hun bloes gewoon in hun broek. Ik hoor thuis op creatieve grond, zoals hier in Rotterdam.’

In Rotterdam kwam je al vrij snel in contact met The Anonymous Mis, ofwel Postman. Zo zat rappertje Gers opeens pilsjes te drinken met Postman en zijn vrouw/rockster Anouk. Rook je toen al nationaal succes?
‘Nou ja, zij hebben me wel laten zien wat er mogelijk is als muzikant in Nederland. Het is een klein land weet je. De weg naar succes is lang, maar niet onbereikbaar. Ik wist dat ik nog veel moest groeien om dat te bereiken. We namen samen wat tracks op in zijn studio. Dat was al best aardig, maar ik wilde een nog veel betere rapper worden, het liefst de beste. Dus ik werkte in mijn eigen studiootje aan mijn techniek en mijn kunnen als producer. Postman leerde mij vooral dat je niet altijd tof hoeft te doen, dat het veel vetter is als je in staat bent om je gevoelens naar muziek te vertalen. Dat idee draag ik tot op de dag van vandaag uit.’

Wanneer weet je als artiest dat je klaar bent voor de volgende stap in je carrière?
‘Dat weet je nooit denk ik. Steffen Haars vond dat ik er klaar voor was in ieder geval. Hij zocht iemand voor de soundtrack van New Kids Turbo, dus hij bracht me in contact met Sef en The Opposites. We namen Broodje Bakpao op en bam! Dat explodeerde gewoon. Opeens stond ik op nummer 1 en was ik een bekende rapper. Iedereen vond die track geweldig, dus dan kan je wel concluderen dat je er klaar voor bent.’

gers-pardoel

Haters
Vind jij jezelf een goede rapper?
‘Ik wil niet zeggen dat ik de beste rapper van Nederland ben. Het kan nog veel beter. Ik produceer zelf ook niet onaardig, maar daar valt ook nog veel te winnen. Daar ben ik nu veel mee bezig. Maar ja, goede rapper… het feit dat ik nummer 1-hits scoor is wel een bevestiging dat ik op het juiste pad ben, toch?’

Toch zijn er ook mensen die sceptisch zijn over jou kunnen als rapper.
‘Dat soort mensen zijn er altijd toch? Er zijn altijd haters.’

Ja, maar hoe moeilijk is het om ‘ik neem je mee op reis’ en ‘naar Rome of Parijs’ te laten rijmen?
‘Heb jij het weleens eerder gehoord dan? Weet je wat het is? Ik ben een gevoelsrapper. Sommige mensen zijn er heel goed in om complexe flows te maken over moeilijke beats. Gasten als Opgezwolle zijn daar ontzettend goed in, daar heb ik ook ziekelijk veel respect voor, maar dat moet je niet gaan vergelijken met mij man. Zij zijn goed in puzzelen met muziek, ik heb er heel bewust voor gekozen om dat niet te doen. Ik zie muziek niet als een puzzel. Ik ben goed in gevoel overdragen. Dat is een hele andere discipline.’

Je hebt twee tracks opgenomen met Guus Meeuwis. Toen je met hem in zee ging, besefte je toen dat je waarschijnlijk een grote groep hiphop-puristen afstootte?
‘Ik heb niet het gevoel dat het veel mensen afstoot. Zo zit het niet in elkaar denk ik. Het spreekt nog altijd meer mensen aan, toch? Ik begrijp dat zware hiphopliefhebbers niets hebben met Ik Neem Je Mee en Guus Meeuwis, maar voor die mensen is er genoeg op mijn album dat wel aanspreekt. Daar heb ik heel bewust over nagedacht. Het lijkt mij saai om maar één sfeer te hebben op een album. Elk nummer heeft een andere kleur op Deze Wereld Is Van Jou. Denk is donkerblauw, Bagagedrager is geel en We Missen Je is weer donkerbruin. Ik vind het leuk om daarmee te spelen. Al die verschillende kleurtjes maken een gevarieerd album. Er staat iets op voor ieder soort muziekliefhebber. Het lijkt me doodsaai om het anders te doen. Zou jij een album willen horen wat alleen maar donkerbruin is?’

Nou, er staan heel wat donkerbruine albums in mijn platenkast ja.
‘Prima, dat is een voorkeur, maar wil dat zeggen dat je niets met Deze Wereld Is Van Jou kan?’
Zeker niet, luisteraars als ik vermaken zich prima met tracks als Eenzaam Op De Bank en Denk.
‘Juist! Dat bedoel ik. De kracht zit hem in de diversiteit. Verschillende tempo’s, beats en emoties. Het is ook meer een popalbum dan een hiphopalbum denk ik. Mensen zien mij als die rapper, toch? Zo zie ik het niet. Ik denk dat ik veel meer ben dan dat. In de productie weerklinkt veel meer een popgeluid dan bij andere rappers. Zo halen jij en je moeder er allebei iets uit. Dat vind ik zo ontzettend leuk hè.’

Money en faam
Wat betreft de boodschap van dit album: deze wereld is van jou. Het is een typische opvatting van jouw generatie: Je kan alles bereiken, als je er maar hard genoeg voor werkt. Jij staat aardig symbool voor dit gedachtegoed hè?
‘Ik ga mezelf nu niet een symbool noemen natuurlijk, ik heb het niet uitgevonden, maar ik hoop wel mensen te inspireren. Met wilskracht kom je overal, dat is wat ik wil zeggen met dit album en met mijn verhaal. Zo heb ik het zelf altijd gedaan en zo is het ook steeds weer gelopen. Of het nu in de keukens was, op de skatebaan of in de muziek. Dat is het grote voordeel van de generatie die opgegroeid is in de jaren tachtig en negentig. Wij hebben de luxe dat we ons leven zo kunnen inrichten als we willen. Natuurlijk ben ik steeds de juiste mensen tegengekomen. Eerst Steffen en Huub, daarna Postman – dat is mijn geluk geweest. Maar wat is geluk? Ik ben onderaan de ladder begonnen en heb er hard voor moeten werken om bovenaan te komen. Dus ja, wat komt er toevallig op je pad en wat creëer je zelf?’

Dus iedereen kan met hard werken een nummer 1-hit scoren?
Wat ik wil zeggen: Iedereen kan zichzelf gelukkig maken met wilskracht. Als jij heel graag topsporter wilt worden, maar je raakt op jonge leeftijd zwaar geblesseerd, moet je die ambities misschien opgeven. Maar dan zijn er nog genoeg andere dingen om jezelf mee te vermaken. Het kan zijn dat je ook erg van muziek houdt, dus dan ga je er voor werken om een dikke platencollectie op te bouwen. Zo maak je jezelf ook gelukkig op een andere manier. Wie hard werkt, vindt altijd wel een manier om een mooi leven te creëren voor zichzelf. Ga dus niet bij de pakken neer zitten, maar knok voor je eigen geluk. Dan is deze wereld wel degelijk voor jou. Shit, het klinkt een beetje tjakka nu, maar het is de waarheid!’

Wat maakt je nu gelukkig, nu je je doelen hebt gerealiseerd?
‘De money en de faam! Nee, dat rap ik op het album, maar dat is natuurlijk hartstikke sarcastisch bedoeld. Ik zeg dat ik wil zwemmen in de money. Dat is Oom Dagobert-stylo! Maar dat bedoel ik niet letterlijk natuurlijk. Het was meer zo van: nu ben ik er, dus doe me nu ook maar die money en die faam. Het hoeft van mij allemaal niet zo nodig hoor. Maar zeg nou zelf, nu ik de faam kan gebruiken om mooie meiden te scoren… waarom zou ik het dan laten? Nee, het mooie werk, dat is wat me echt gelukkig maakt nu. Ik ontmoet toffe mensen, mag mooie dingen doen. Daar geniet ik van, en dat is het allerbelangrijkste in het leven. En als je laat zien dat je geniet, draag je dat weer over op andere mensen. Zo motiveer je anderen weer.’

Moeder
Laten we nog even teruggaan naar Kaatsheuvel. Je was zeventien toen je moeder overleed aan kanker. Daar heb je het mooie nummer We Missen Je over geschreven. Wat was je moeder voor mens? Lijk je op haar?
‘Een lieve, zorgzame vrouw. Ze was een echte huisvrouw die altijd klaar stond voor ons. Ze was wel een beetje chaotisch, druk praten en zo, dat maakte het niet gemakkelijker voor haar. Het leek alsof ze nooit echt rust had in haar hoofd. Dat heb ik niet van haar geërfd. Als ik iets in mijn kop heb, gaat het er niet meer uit. Ik ben juist erg gefocust op wat ik doe. Dat had mijn moeder helemaal niet. Ze heeft ons dan ook niet heel erg strak opgevoed. Die manier van opvoeden heeft me wel beïnvloed. Ik heb geleerd om mijn eigen doelen te stellen en er zelf voor te knokken om ze te realiseren. Daarnaast heeft haar dood mij natuurlijk getekend. Als je zoiets meemaakt jongen… dat kan je je niet voorstellen. Ik zat zo diep in de put in die tijd. Maar toch, op een dag wordt je wakker en denk je: Slechter dan dit kan het niet worden. Zodra je dat weet, kan je weer gaan leven. Het maakt dan niet meer uit wat er gebeurt, het is altijd beter dan het voorgaande. Vanaf het moment dat ik dat realiseerde, sta ik heel optimistisch in het leven.’

Wat zou je zeggen als je haar nog één keer zou mogen spreken?
‘Geen idee man. Het gaat niet gebeuren, dus daar heb ik ook niet over nagedacht.’

Je zou haar toch wel vertellen over je nummer 1-hit zeker?
‘Nee joh. Het zou dan toch helemaal niet om mij gaan. Ik zou vragen hoe het met haar gaat. Dat is veel belangrijker. Op zo’n moment is een nummer 1-hit helemaal niet interessant meer.’

Gepubliceerd in OOR1, jaargang 2012

Discuss - No Comments

No comments yet. Why not add one below?

Add a Comment